Groenblauw stedelijk waterbeheer: Zuid-Holland voorbereid op de toekomst?

Dordrecht.jpg
Arjan Witte
Door Arjan Witte op 11 februari 2026 om 14:00

Groenblauw stedelijk waterbeheer: Zuid-Holland voorbereid op de toekomst?

De startnotitie voor het regionaal waterprogramma is een goede basis. De ChristenUnie wil vandaag wel vijf onderwerpen benoemen die in de startnotitie nog ontbreken of naar onze mening onderbelicht zijn. 

Graag een reflectie en graag toezeggingen van het college op deze vijf punten. Ik dank de waterschappers van de ChristenUnie voor hun bijdrage aan mijn inbreng van vandaag.

1-Groenblauw stedelijk waterbeheer (nieuw beleid)

Het stedelijk gebied wordt niet als afzonderlijke beleidsopgave uitgewerkt. Alleen klimaatadaptatie komt terug. Juist in stedelijke gebieden stapelen wateroverlast, hittestress, droogte, verharding en druk op drinkwater zich op. Gemeenten hebben hiervoor niet altijd beleid en lopen tegen capaciteits- en kennisgrenzen aan. In andere provincies wordt stedelijk waterbeheer inmiddels wel als samenhangende opgave benaderd waarin water, groen en gezondheid integraal worden verbonden. De ChristenUnie ziet graag apart beleid gericht op stedelijk waterbeheer.

2-Ruimte voor drinkwaterproductie en bronbescherming (nieuw beleid)

De beleidsverkenning Drinkwater wordt medio 2026 afgerond. De resultaten worden nog meegenomen in deze herziening van het omgevingsbeleid. Wat vooralsnog ontbreekt, is drinkwaterproductie als ruimtelijk en strategisch vraagstuk. Twee voorbeelden: (a) We moeten voorkomen dat ruimtelijke keuzes voor bebouwing en landbouw toekomstige drinkwaterwinning beperken of onmogelijk maken. (b) We moeten potentiële toekomstige bronnen beschermen, nog voordat sprake is van concrete winning.

3-Waterkwaliteit: mest en nutriënten (aanscherping)

In de startnotitie wordt geconstateerd dat huidige maatregelen onvoldoende zijn om de doelen voor waterkwaliteit te halen. Mest en nutriënten blijven een van de belangrijke structurele drukfactoren op grond- en oppervlaktewater. De verdere aanpak wordt sterk gekoppeld aan landelijke trajecten. Het blijft onduidelijk aan welk aanvullend provinciaal beleid het college denkt  De ChristenUnie roept het college op stevige en sturende provinciale maatregelen voor te stellen. De waterkwaliteit moet echt substantieel verbeteren.

4-Waterkwaliteit: PFAS en gewasbeschermingsmiddelen (aanscherping en verkenning)

De startnotitie benoemt PFAS en gewasbeschermingsmiddelen als aandachtspunt en spreekt over verdere verkenningen. Uit onder meer de landelijke rapportage grondwaterkwaliteit blijkt dat het gebruik en de verspreiding van PFAS-houdende stoffen snel toenemen en directe gevolgen hebben voor grondwater en potentiële drinkwaterbronnen. De huidige formulering in de startnotitie blijft beperkt tot monitoring en verkenning en maakt nog geen onderscheid tussen bestaande kaders en mogelijke aanvullende provinciaal beleid. De ChristenUnie roept het college dan ook op met goede voorstellen voor provinciaal beleid te komen.

5-Rol van de provincie bij toezicht en handhaving (aanscherping)

De startnotitie beschrijft monitoring en samenwerking rond Europese waterdoelen, maar de rol van de provincie wanneer doelen structureel niet worden gehaald blijft impliciet. Welke handhavende rol heeft de provincie nodig en hoe verhoudt dat zich tot bestaande interbestuurlijke instrumenten. De ChristenUnie roept het college op de maatregel "gebiedsgerichte coördinatie" aan te scherpen met toezicht en handhaving door de provincie.

Samenvattend: in de startnotitie zijn goede bouwstenen aanwezig, maar op bovengenoemde vijf punten is aanvulling van de startnotitie nodig. Met name groenblauw stedelijk waterbeheer en ruimte voor drinkwaterproductie vragen om nieuwe beleidsontwikkeling, terwijl PFAS, mest en toezicht en handhaving vragen om aanscherping.

Labels: